Il Grand' Inquisitor

Lulu in Essen

Toen Alban Berg in 1935 overleed, had hij het derde bedrijf van Lulu nog niet kunnen orkestreren. In 1937 ging de opera in Zürich in première met de twee afgewerkte bedrijven en als epiloog de twee delen uit de Lulu-suite die gebaseerd zijn op het derde bedrijf. Begin dit jaar ging een nieuwe productie van Lulu in Essen in première, die ook deze "oerversie" gebruikt... dus zonder het derde bedrijf en de aftakeling van Lulu.

illustratie

Regisseur Dietrich Hilsdorf verbeeldt die epiloog op een lege scène. Alwa ketent Lulu aan een bed, waarna alle mannen uit haar leven de revue passeren en haar beschimpen tot de Schilder met een scheermes haar keel oversnijdt. Enkel Geschwitz toont nog medeleven. Het was het einde van een uitstekende enscenering waarin hij Lulu niet uitbeeldt als een femme fatale, maar eerder als een speelse jonge vrouw.

De voorstelling speelt zich grotendeels af in het schildersatelier van "der Maler" (decor van Johannes Leiacker). Tussen de scènes gaat het doek dicht om de ombouw naar bijvoorbeeld het huis van Dr. Schön mogelijk te maken. Tijdens die ombouw (en ook voor de voostelling en tijdens de pauze) worden de ombouwwerken op dat doek geprojecteerd. Ik had dan ook halvelings verwacht dat de regsseur het tussenspel van het tweede bedrijf, als Lulu in de gevangenis belandt, ook op een of andere manier zou uitbeelden via die projecties... maar dat deed hij niet en liet gewoon de muziek spreken.

De eerste en tot gisteren tevens enige keer dat ik Lulu gehoord heb, was meer dan tien jaar geleden in de Vlaamse Opera toen Ivo van Hove zijn operadebuut maakte (vreemd trouwens dat ze die productie nooit hernomen hebben). Ik kon me toen nauwelijks inleven in Bergs muziek. Ondertussen is Wozzeck opgedoken in mijn lijstje van favoriete "moderne" werken en wilde ik Lulu nog eens een kans geven.

Met Stefan Soltesz in de orkestbak is een hoogstaande uitvoering gegarandeerd. De homogene bezetting werd aangevoerd door de jonge Lulu van Julia Bauer. Ze heeft geen gigantische stem, maar ze zingt mooi en speelt natuurlijk. Enkel de paar stratosferische noten klinken wat dun. Heiko Trinsinger was aangekondigd met een verkoudheid, maar dat weerhield hem er niet van om een sterke Dr. Schön neer te zetten. Arnold Bezuyen was in het eerste bedrijf een overtuigende Alwa, maar begon in het tweede bedrijf vermoeid en geforceerd te klinken. Tenslotte zong ook Andreas Hermann een uitstekende Schilder.

Publicatie: maandag 15 november 2010 @ 11:46
Rubriek: Opera