Il Grand' Inquisitor

Vesselina Kasarova in Antwerpen

Gisteren gaven de mezzo Vesselina Kasarova en de pianist Charles Spencer een liedrecital in de Vlaamse Opera. Tenminste... als je van een liedrecital kunt spreken. Ze begonnen en eindigden met een cantate, respectievelijk Arianna a Naxos van Haydn en Giovanna d'Arco van Rossini. En tussendoor zong ze nog twee aria's uit Orphée et Eurydice.

De enige "liederen" waren twee keer drie liederen elk van Gounod en Bizet. Maar die waren dan weer nauwelijks als Franse "mélodies" te herkennen... haar schabouwelijk Frans had net zo goed Bulgaars geweest kunnen zijn.

Maar de stem is wel indrukwekkend. Haar timbre, dat vooral in de laagte de textuur heeft van smeltende chocolade, is ronduit uniek. Ze zingt die noten met een alles omvattende warmte alsof ze een deken om je heen slaat, zonder ze te laten opborrelen uit haar borststem.

Ook de versieringen komen er moeiteloos uit... ook al zijn ze soms totaal naast de kwestie. Het komt allemaal nogal exhibitionistisch over - in de stijl van "luister wat ik nu ga doen" - en draagt zelden iets bij tot de richting waar de muziek heengaat.

Interpretatief viel er niet echt iets te beleven. Gounods Où voulez-vous aller was te overdreven dromerig, bijvoorbeeld. Bizets Chanson d'Avril miste het speelse van het lied; en Sérénade was dan weer lethargisch traag.

Achteraf bleek dat ze eigenlijk ziek was, maar daar was tijdens het recital niet veel van te merken. Of toch... zouden de zich opstapelende fouten in J'ai perdu mon Eurydice daaraan te wijten zijn ? Ik zal haar maar het voordeel van de twijfel geven.

De voorstelling kon als spectaculaire vocaliseerdemonstratie wel tellen... maar het is niet mijn idee van een geslaagde liederavond. De geslaagde Parto, parto van Mozart als bisnummer kwam te laat om de zaak nog te redden.

Publicatie: donderdag 11 december 2003 @ 8:35
Rubriek: Liedrecital