Il Grand' Inquisitor

Christian Gerhaher - Myrthen

De tweede CD in het Schumann-project van Christian Gerhaher en Gerold Huber is volledig gewijd aan Myrthen Opus 25, het huwelijkscadeau van Robert aan Clara.

illustratieMyrthen heeft ook een aantal liederen die als traditionele "vrouwenliederen" bestempeld zijn, denk bijvoorbeeld aan het Lied der Suleika, en dus krijgt Gerhaher het gezelschap van Camilla Tilling. Het is Tilling die met haar lyrische sopraan de CD opent met Widmung (1), waarin ze meteen een mooi gedragen middendeel "Du bist die Ruh" laat horen. Op het einde van Der Nussbaum legt ze dan weer een glimlach in haar stem bij "Das Mägdlein horchet" als ze al vooruitdenkt aan haar toekomstige bruidegom. Huber laat hierbij de piano mooi vloeien, na de dravende begeleiding van het "Wanderlied" Freisinn (3) dat Gerhaher zingt. Gerhaher sluit ook het eerste deel af met de twee montere drinkliederen Sitz' ich allein (5) en Setze mir nicht, du Grobian (6).

In het begeleidend boekje vestigt Gerhaher er de aandacht op dat Myrthen in vier delen gepubliceerd werd - ongetwijfeld om commerciële redenen - maar dat de opdeling toch niet willekeurig gebeurde. Zo eindigt elk "boek" met twee liederen op teksten van eenzelfde dichter: dus Goethe in het eerste boek of Rückert in het tweede. Ze proberen ook in de uitvoering eenheid in elk boek te krijgen. Het tweede boek, dat begint met Die Lotosblume (7), wordt bijna volledig door Tilling gezongen. Gerhaher is enkel een plechtige en vastberaden prediker in Talismane (8). Tilling zingt Die Hochländer-Witwe (10) met toenemende intensiteit waarna ze op innige wijze afscheid neemt van van haar moeder met Lied der Braut I/II (11, 12).

De bruidegom Gerhaher neemt dan aan het begin van het derde boek, met uitsluitend liederen van Engelse dichters, afscheid van de natuur in Hochländers Abschied (13). Dit deel is zijn boek, waarin Tilling enkel tussenkomt voor het Hochländisches Wiegenlied (14). Voor Gerhaher staat Aus den hebräischen Gesängen (15) niet alleen centraal in deze cyclus, maar ook in Schumanns volledig liedoeuvre en zelfs in het hele Duitse Liedgenre. Gerhaher geeft een doorwrochte vertolking waarbij elke strofe een eigen karakter heeft: veel expressieve accenten in de eerste strofe of een waanzinnig mooi gezongen tweede strofe, de lage tessituur van de derde strofe brengt hem wel aan de rand van zijn stem, maar in de vierde strofe stuwt hij het lied naar een climax. Het contrast met het woordspelletje Räthsel (16) kon niet groter zijn. Met zijn kleurrijke woordduiding lijkt het wel alsof hij op je schoot zit te vertellen. Met Venetianisches Lied I/II (17, 18) eindigt dit deel met een glimlach.

Het vierde boek is het minst bekend deel, met uitzondering van Du bist wie eine Blume (24) of de onweerstaanbare melodie van Aus den östlichen Rosen (25) of het mooie Zum Schluss (26)... alledrie even ontroerend gezongen door Gerhaher. Tilling had eerder met smachtende Sehnsucht Weit, weit! (20) gebracht. Net zoals de eerste CD, Frage, is deze tweede ook weer een schot in de roos en essentieel voor elke Schumann- en Lied-fan.

Publicatie: zaterdag 21 maart 2020 @ 11:15
Rubriek: CD's