Il Grand' Inquisitor

Dietrich Henschel - An den Mond

Sommige recital-CD's krijgen soms een titel mee die verwijst naar een van de liederen of aria's op die CD. Vaak is dat niet meer dan een marketing-truuk waarvan het verband met de rest van de CD niet altijd duidelijk is. De nieuwe opname van Dietrich Henschel en Helmut Deutsch met Schubertliederen heeft ook zo'n titel... An den Mond. Maar in dit geval zit er meer achter.

illustratieIn een interview met Die Presse vorige week, vertelt hij dat deze een CD een uitvloeisel is van het programma dat hij voor de Schubertiade Schwarzenberg had samengesteld. De ondertitel "Chants nocturnes" geeft een indicatie waarover het gaat. Het is een verzameling van nacht-liederen waarbij de maan de rode draad vormen. Tegen deze nachtelijke achtergrond verschijnt ook de Schubertiaanse Wanderer. In het openingslied Der Wanderer an den Mond worden die twee centrale thema's voorgesteld... "wir wandeln beide rüstig zu". Daarmee begint een volledig verhaal waarin de Wanderer de drang voelt om zijn "Heimat" te verlaten, de wereld rondtrekt (ook over water, wat een reden is om een paar waterliederen toe te voegen), de dood ontmoet, om uiteindelijk terug bij zijn vertrekpunt uit te komen. Tijdens deze reis is de maan de metgezel en het aanspreekpunt van de eenzame Wanderer.

De overgangen tussen de secundaire thema's gebeurt altijd op een logische manier. De overgang van de waterliederen naar de liederen over de dood gebeurt bijvoorbeeld via Der Zwerg; en Totengräbers Heimweh vormt het scharnierpunt om de terugtocht en het verlangen naar huis aan te vatten. Het doet plezier om nog eens zo'n goed opgebouwd programma op een CD te horen, waarbij Dietrich Henschel de volledige 75 minuten benut om zijn verhaal te doen. En daarmee zijn we bij de tweede reden waarom ik dit een geslaagde opname vind.

Dietrich Henschel is één van die baritons die het duidelijkst in de voetsporen van zijn leermeester Dietrich Fischer-Dieskau probeert te stappen. Het opbouwen van een dergelijk programma is er een voorbeeld van, zijn nauwgezette aandacht om de tekst zo duidelijk mogelijk te projecteren is een andere. En zeker in een programma als dit is een goed begrip van de verhaallijn onontbeerlijk. Hij heeft geen traditionele mooie stem, maar het legato is perfect in orde door - net zoals Dieskau - zich vast te bijten in de medeklinkers. Ook de traagheid waarmee hij Meeres Stille kan uitvoeren zonder abnormale breuken, bewijst zijn adembeheersing. Zijn timbre doet me, om een of andere reden, soms ook aan Dieskau denken. Je zou hem een typische Dieskau-kloon kunnen noemen, alhoewel ik dat zeker niet negatief bedoel.

Daarnaast is er uiteraard ook nog Helmut Deutsch. In live-optredens vind ik dat hij soms wat teveel op de achtergrond blijft. Maar op deze opname krijgt hij een prominente plaats. Sommige liederen - ik denk bijvoorbeeld aan Auf dem Wasser zu singen - worden door hem gedomineerd. Niet zozeer qua volume, maar eerder door de manier waarop hij het tempo bepaalt. Nachtstück is ook zo'n voorbeeld. De eerste keer dat ik deze uitvoering hoorde, had ik de indruk dat de harpachtige begeleiding in het begin veel te uitbundig was. Maar daardoor wordt het contrast met het uitdeinend slot des te duidelijker... je ziet bijna effectief de harp uit de handen van de stervende oude man glijden, tot die harp met de bonk van het slotakkoord op de grond valt.

Alles bij elkaar is het een heel interessante CD... die deze week nauwelijks uit mijn CD-speler geweest is.

Publicatie: vrijdag 19 november 2004 @ 20:32
Rubriek: CD's