Il Grand' Inquisitor

Hans Heiling in Essen

Het is misschien nog wat vroeg om van een Marschner-revival te spreken na de verschillende producties van Der Vampyr in Koblenz, Berlijn of Genève de afgelopen seizoenen. De opera van Essen draagt er in alle geval toe bij om het gat tussen Freischütz en Holländer op te vullen met een nieuwe productie van Hans Heiling.

illustratie
Hans Heiling (foto © Thilo Beu)

Je zou Hans Heiling kunnen omschrijven als het spiegelbeeld van Rusalka. Hans Heiling is geen waternimf, maar een aardgeest. Hij wil ook mens worden - en zijn macht als koning opgeven - om met Anna te kunnen trouwen, tegen de zin in van zijn moeder, de koningin der aardgeesten. Anna trouwt uiteindelijk met haar geliefde Konrad en Heiling keert terug naar de wereld der aardgeesten.

In de periode dat Marschner zijn opera schreef, de jaren 1830, begon ook de industrialisering van het Ruhrgebied en werden de eerste steenkoolmijnen geopend. In die periode lag Alfred Krupp aan de basis van het Krupp-imperium. Ongeveer een eeuw later wil Alfreds kleinzoon Alfried trouwen met Anneliese, een gescheiden "Bahr-Mädchen", tegen de zin in van zijn ouders. Onterving dreigt en een paar jaar later scheiden ze. Ondertussen zijn we weer een eeuw verder en op het einde van dit jaar zal de laatste steenkoolmijn in het Ruhrgebied zijn deuren sluiten.

Het vraagt niet veel fantasie om een zekere parallel tussen de geschiedenis van Hans Heiling en Alfried Krupp te zien.

illustratie
Anna, Konrad (foto © Thilo Beu)

Regisseur Andreas Baesler gebruikt deze parallel ten volle in zijn enscenering. Hans wordt Alfried, Anna is Anneliese, in de koningin zien we Alfrieds moeder Bertha Krupp en het koor der aardgeesten worden mijnwerkers. Het feest op het einde van het eerste bedrijf wordt logischerwijze het feest van de Heilige Barbara. Tijdens de ouverture wordt een oud educatief filmpje geprojecteerd over de steenkoolontginning. Dergelijke filmpjes zijn nog altijd te zien in het Ruhrmuseum van Essen of het Bergbaumuseum van Bochum. En bij het trouwfeest van Anna en Konrad speelt de harmonie Bergwerksorchester Consolidation een nummertje.

Decorontwerper Harald B. Thor krijgt dan weer de vrije hand om het Ruhrgebied na te bouwen. De wereld van de aardgeesten is geïnspireerd op de werkkamer van Krupp in Villa Hügel. De twee feesten spelen zich af in de kleed- en wasruimte van een steenkoolmijn, die nog te bezoeken zijn in bijvoorbeeld Zeche Zollern. Die uitgebreide decors vragen wel wat ombouwwerk, waardoor de voorstelling telkens stilvalt tussen twee scènes.

De bezetting werd aangevoerd door Heiko Trinsinger. Hij zingt Hans Heiling met een stevige bariton en ook de nodige nuance in "An jenem Tag". Jessica Muirhead was een mooie Anna met een ontroerende "Einst war so tiefer Friede", al zit er wel nog altijd een scherp kantje aan haar stem. Ze heeft de voorbije seizoenen zowat alle lyrische sopraanpartijen in Essen gezongen en na de voorstelling kreeg ze daarvoor de Aalto-Bühnenpreis.

Jeffrey Dowd was daarentegen een zwakke Konrad. In zijn lied "Ein sprödes allerliebstes Kind" weet hij zich nog staande te houden. In het tweede bedrijf gaat hij in het duet met Anna roemloos en stemloos tenonder. Rebecca Teem zingt de Königin der Erdgeister met een dunne stem. Het was wel grappig om horen dat, op het moment ze aan Anna veklapt dat Heiling een aardgeest is, letterlijk de Todesverkündigung-muziek weerklinkt... Wagner heeft dan toch niet alle mosterd zelf uitgevonden.

Publicatie: zaterdag 23 juni 2018 @ 10:07
Rubriek: Opera