Il Grand' Inquisitor

Christoph Prégardien in Schwarzenberg

Christine Schäfer zou gisteren een liedrecital zingen, maar haar annulatie zagen we al van ver aankomen. Ze heeft afgelopen augustus beslist om een sabbatical te nemen, omwille van persoonlijke redenen. Recent heeft ze dat voor onbepaalde duur verlengd. De invallers van dienst waren Christoph Prégardien en Malcolm Martineau.

illustratie
foto © Schubertiade Schwarzenberg

Wie mij kent, weet dat ik Prégardien zoveel mogelijk probeer te vermijden. Maar aangezien hij Winterreise zou zingen, heb ik toch de stap gezet en ben ik met weinig verwachtingen naar de Angelika-Kauffmann-Saal getrokken. Maar tot mijn grote verbazing heeft hij, na al die jaren, eindelijk een betrouwbare methode gevonden om door zijn passaggio te geraken zonder te kraken... enkel de Mein-Herz-noten van Die Post waren nog even spannend.

De interpretatieve intelligentie van Prégardien staat uiteraard buiten kijf en is pas genietbaar als ik me geen zorgen moet maken of hij deze of gene noot wel zal halen. Het resultaat was een intense Winterreise gedomineerd door extreme contrasten.

Onze Wanderer werd net gedumpt door zijn geliefde en de liederen die zich in het nu afspelen zingt hij met veel woede en sarcasme. Anderzijds denkt hij ook vaak terug aan het verleden en dan is het een en al tederheid. Op die momenten vertragen ze ook beduidend het tempo. Dat heen en weer schakelen deed Prégardien ook uitstekend binnen een lied, zoals in Gute Nacht of Frühlingstraum.

Het keerpunt van al die conflicterende emoties komt pas bij Der Wegweiser als hij berust in zijn lot. Daarna volgde een heel trage Das Wirtshaus, de sereniteit van zijn gevoelens is compleet. In een geniaal vertolkte Mut vindt hij zijn zelfvertrouwen terug. Het is alsof er zich een dialoog afspeelt tussen een duiveltje en engeltje op zijn schouders. Als de ene hem influistert "wenn mein Herz im Busen spricht", dan wuift de andere dat weg met "sing' ich hell und munter". Enkel het verschijnen van Die Nebensonnen dreigen nog even roet in het eten te gooien, maar dan komt gelukkig Der Leiermann...

Deze Winterreise zou niet compleet zijn zonder de even inventieve bijdrage van Malcolm Martineau. Hij is helemaal mee met Prégardiens visie en ademt diens vertragingen en versnellingen perfect mee. Hij onderstreept dat met zijn eigen contrasten, onder andere met zijn pedaalwerk. Op onverwachte momenten breekt hij de toon zeer snel af, bijvoorbeeld op het einde van Gute Nacht. Op andere, eerder evidente, momenten laat hij de toon seconden lang doorklinken zoals in Das Wirtshaus.

Maar er zijn ook details, waarmee hij de tekst onderstreept met opvallende accenten. In Auf dem Flusse hoor je bij "In deine Decke grab' ich mit einem spitzen Stein" in de piano hoe de Wanderer hun namen in het ijs beitelt. Frühlingstraum besluit hij dan weer met een explosief arpeggio alsof de Wanderer opschrikt uit zijn droom. En met de korte arpeggio's in Der greise Kopf - "Doch bald ist er hinweggetaut" - lijkt de Wanderer wel zijn schouders op te halen... het komt zelfs humoristisch over.

Uiteraard geen bisnummers, maar wel een staande ovatie...

Publicatie: dinsdag 23 juni 2015 @ 14:47
Rubriek: Liedrecital