Il Grand' Inquisitor

Shell Shock in de Munt

Ter herdenking van het begin van de Eerste Wereldoorlog 100 jaar geleden, heeft de Munt een compositie-opdracht gegeven aan Nicholas Lens om een opera rond de oorlog te schrijven. Het resultaat is het anderhalf uur durende Shell Shock, op teksten van Nick Cave.

illustratie
foto's © Filip Van Roe

Het werk bestaat uit twaalf canto's, elkeen rond één generiek karakter: een soldaat, een verpleegster, een moeder, ... Alhoewel er soms verbanden zijn tussen de verschillende teksten, is er geen doorlopende verhaallijn. De ondertitel van de opera, A Requiem of War, geeft nog het best weer wat het is.

Op het moment dat je de Munt binnenstapt, word je meteen in de sfeer gebracht. Een soundscape met oorlogsgeluiden, van artillerievuur tot marcherende soldaten, weerklinkt door de luidsprekers. Op muzikaal vlak, was ik niet helemaal overtuigd. Gezien de uiteenlopende karakters van elk canto, had ik iets meer variatie en contrast verwacht.

Daarmee wil ik niet zeggen dat het allemaal muzikale eenheidsworst is. De "Canto van de Deserteur" bestaat bijvoorbeeld uit vier onderdeeltjes, die wel sterk contrasteren van sterk ritmische declamatie tot kermisachtige fanfaremuziek. De meeste canto's zijn met verschillende zangers bezet, maar het zijn vooral de solo-canto's die het meest overtuigen, zoals de "Canto van de Moeder".

illustratieDe enscenering van choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui is daarentegen wel een lust voor het oog. Zijn dansers zorgen voor een plastische uitbeelding van wat gebeurt. Daarbij kent zijn fantasie geen grenzen... van het gebruik van zandzakjes over brancards tot gewone lakens worden telkens weer de meest wonderbaarlijke beelden gecreëerd.

De vocale bezetting bestaat uit vijf naamloze zangers en drie knapen. Het is een overwegend sterke bezetting met vooral Ed Lyon die met een prachtige tenorstem onder andere de "Canto van de Overlevende" zong. Op de momenten dat het orkest dikker wordt, gaat hij wel tenonder in de orkestklank. Ook de warmstemmige Sara Fulgoni schitterde, vooral als de Moeder. En de contratenor Gerald Thompson zingt zijn partij met een opvallend grote en goed projecterende stem.

Claron McFadden heeft dan wel een reputatie als zangeres van hedendaagse muziek, maar vocaal is ze wel op haar retour met iets te vaak schreeuwerige noten. Ook de bas Mark S. Doss, die we al vaker in de Munt gehoord hebben, kon me maar matig overtuigen.

Publicatie: donderdag 30 oktober 2014 @ 21:03
Rubriek: Opera