ti guarda dal Grande Inquisitor

IMKEB 2004 - Finale, dag 2

Op de tweede dag van de finale hoorden we de andere zes kandidaten, met vooral een lang operagedeelte. Zoals gisteren begonnen ze weer met de barokwerken.

De stem van de sopraan Iwona Sobotka valt in het PSK een stuk kleiner uit dan in het Conservatorium... maar het is nog geen echt probleem. Net zoals Teodora Gheorghiu gisteren, zong ze "Jauchzet Gott in allen Landen" maar minder virtuoos. Scoren deed ze vooral met de aria "Affanni del pensier" uit Handels Ottone. Ze creëerde eerst de juiste sfeer met het recitatief "Guinge Otton", waarna ze met de aria zelf betoverde... ontroerend mooi.

De enige mezzo uit het gezelschap is Diana Axentii en zij begon ook met Bach: het "Laudamus te" uit de Hohe Messe. Maar ze bewees vooral hoe moeilijk Bach is. De lage noten, die voor een mezzo toch geen probleem zouden mogen zijn, werden omzeild en ze heeft soms niet voldoende adem om het einde van een frase te halen. Sesto's aria "L'angue offesto mai riposa" uit Giulio Cesare lag haar al een stuk beter. Maar Dido's Lamento begon dan weer te traag naar mijn gevoel, waardoor ze het zichzelf onnodig moeilijk maakte. Alles bij elkaar geen echt goede beurt. Ze wappert wel al een stuk minder met haar armen dan tijdens de halve finale... maar nu heeft ze dan weer een sjaal waaraan ze kan frunniken.

FotoDe "generieke" sopraan - zoals ik haar eerder genoemd heb - Hélène Guilmette is de eerste kandidaat wiens stem echt goed projecteert, waardoor elke nuance tot boven in het PSK duidelijk is. De Canadese zong twee aria's van Cleopatra (uit Giulio Cesare) met een uiteenlopende sfeer en karakter. Zowel "Non disperar" als "Piangeró la sorte mia" waren een plezier om naar te luisteren. Alles klinkt zoals het moet klinken... en er is nauwelijks iets op aan te merken... eindelijk iemand die "muziek" maakt. Als haar prestatie overmorgen hetzelfde niveau haalt, dan kan het niet anders dan dat ze hoog eindigt.

De problemen van de Syrische Talar Dekrmanjian zijn nog duidelijker in het PSK dan in het Conservatorium. De juwelenaria alleen al is een perfecte staalkaart van haar stem. Haar middenstem is redelijk goed (zoals in het lied "Il était un roi de Thulé"), maar qua intonatie komt ze soms te laag uit... en ze vergeet soms te zingen, waardoor er veel quasi-parlando te horen is. De aria zelf, "Ah ! Je ris de me voir si belle" bestrijkt een groter gebied en het enige dat min of meer in orde is, is haar forte in de hoogte. Maar de triller waarmee de aria begint, is niet echt zuiver en de hoge noten zijn ook vooral approximatura's. "Come scoglio" en Ravels "Asie" waren vooraf meer van hetzelfde.

Zoals verwacht komt de stem van de Amerikaanse Mary Elizabeth Williams beter over in het PSK. Ze zingt zonder problemen het volledig orkest plat als het moet. Maar beginnen met "Chanson triste" leek me geen goed idee. Ze probeert teveel haar stem terug te houden om de sfeer van Duparcs lied niet te verpesten, maar daardoor mist het continuïteit. "Tacea la notte placida" probeert ze op dezelfde manier onder controle te houden, maar dan verdwijnt haar legato. De cabaletta was wel beter. "Ich bin der Welt abhanden gekommen" liet me ook weer koud... misschien omdat dit lied de 'eigendom' is van baritons en mezzo's en gewoon niet klinkt als een sopraan het zingt. Ze is nog altijd een indrukwekkende zangeres, maar ik heb de indruk dat ze haar stem nog niet met vol vertrouwen durft los te laten.

En tenslotte kwam de Russische bas Vladimir Baykov. Na de geslaagde sterfscene van Boris tijdens de halve finale, kreeg hij nu de opdracht om Boris' Monoloog te zingen... die ligt hem bijna even goed, maar het mag soms iets meer zijn. Dat iets meer hield hij waarschijnlijk in reserve voor "Wotans Abschied und Feuerzauber". Het is pure waanzin en zelfs suïcidaal voor hem om dit nu te zingen. Daarna zong hij "Le veau d'or" enkel nog op karakter en het greintje kracht dat nog over was... maar voor Farlafs 'patter song' uit Russlan en Ludmilla was zijn kaars uit. Als hij niet snel een passender repertoire zoekt, vrees ik dat hij zichzelf binnen de kortste keren in de vernieling zingt.

Publicatie: vrijdag 14 mei 2004 @ 0:38
Rubriek: Concert

Recent RSS feed

Dietrich Henschel in de Munt

Vijf liederen voor en vijf liederen na de pauze was alles wat Dietrich Henschel gisteren zong in de Munt. Alles bij elkaar amper twintig minuten muziek... wat toch wel héél mager is voor een "liedrecital".

Liedrecital, 13-2-2018 17:04
3 opmerkingen

Petite Messe Solennelle in deSingel

Het is dit jaar een Rossini-jaar - hij overleed 150 jaar geleden - en deSingel begint dat jaar met een uitvoering van zijn Petite Messe Solennelle.

Oratorium, 10-2-2018 10:56
0 opmerkingen

Pelléas et Mélisande in Antwerpen

Pelléas et Mélisande behoort tot mijn absolute lievelingsopera's en ik keek dan ook vol verwachting uit naar de nieuwe productie bij Opera Vlaanderen. Het is een visueel mooie productie geworden, maar vocaal bleef ik toch enigszins op mijn honger zitten.

Opera, 3-2-2018 10:40
13 opmerkingen

Carmen in Luik

De Opera van Luik blijft volharden in de boosheid door ook lange opera's zoals Carmen pas om 20 uur te laten beginnen. Het werd bijgevolg weer een bijna-nachtvoorstelling, des te meer omdat de voorstelling met meer dan 20 minuten vertraging begon omdat het orkest moest wachten op de harpiste...

Opera, 31-1-2018 9:13
8 opmerkingen

Februari 2018

In februari staat vooral de nieuwe productie van Pelléas et Mélisande bij Opera Vlaanderen in de schijnwerpers. In Luik brengen ze met Le domino noir een rariteit. Bij de recitals kijk ik vooral uit naar Benjamin Appl die zijn Heimat-CD in het Brussels Conservatorium voorstelt.

Toekomstmuziek, 26-1-2018 18:03
0 opmerkingen

Simon Keenlyside in de Munt

Ze hadden al eerder moeten terugkeren naar de Munt, maar vorig seizoen hebben ze afgezegd. Vandaag waren Simon Keenlyside en Malcolm Martineau wel van de partij voor een gevarieerd liedrecital met liederen van Sibelius, Schubert, Wolf en Poulenc.

Liedrecital, 22-1-2018 23:15
2 opmerkingen

Il prigioniero en Das Gehege in de Munt

Il prigioniero en Das Gehege zijn twee eenakters van elk ongeveer drie kwartier lang die ik nog nooit gehoord had. De Munt brengt ze nu samen in een dramatisch tweeluik, geregisseerd door Andrea Breth en met Franck Ollu in de orkestbak.

Opera, 19-1-2018 17:00
3 opmerkingen