Il Grand' Inquisitor

Christian Gerhaher - Nachtviolen

"Nachtviolen" is de tweede CD met een selectie Schubert-liederen die bariton Christian Gerhaher en pianist Gerold Huber opgenomen hebben. Net zoals hun eerdere CD "Abendbilder" is ook deze opname verplicht luistermateriaal voor elke Lied- en Schubertliefhebber.

illustratieSchubert heeft verschillende liederen geschreven waarin een Wanderer centraal staat, met de liedcyclus Winterreise als absoluut hoogtepunt. De Schubertiaanse Wanderer is meestal een eenzaat die over berg en dal, langs wouden en rivieren zwerft. Hij heeft alles verlaten, meestal omwille van een misgelopen liefde. Todessehnsucht loert achter elke boom. De natuur is zijn thuis, de maan en de sterren zijn gesprekspartner. Deze liederen vormen de rode draad doorheen "Nachtviolen".

Het eerste lied op de CD brengt al die elementen meteen samen in An den Mond in einer Herbstnacht. Gerhaher is een meester in subtiele tekstinterpretatie, af en toe legt hij het er iets dikker op (als hij bijvoorbeeld de "schrecklicher Geier" beklemtoont). Met een natuurlijke voordracht gaat hij de dialoog aan met de maan. De herfstnacht verwijst uiteraard naar het naderende einde van de Wanderer, dat Gerhaher in de laatste recitatieve strofe mooi uitdrukt.

Gerhaher zingt soms met een wat weke klank. De rust die hij daarmee uitstraalt, is perfect voor het pelgrimslied Abschied. Gerold Huber echoot in de piano de zangstem en Gerhaher speelt met zijn vibrato. Toen hij dit jaar net niet de "Sänger des Jahres" werd (die prijs ging naar Barbara Hannigan), omschreef Opernwelt hem in hun Jahrbuch als: "Christian Gerhaher spricht singend und singt sprechend". Die omschrijving geeft nog het best zijn vertolking van Der Wanderer (D649, tekst van Schlegel) weer op het moment dat het maanlicht hem toespreekt.

De CD is uiteraard genoemd naar het Mayrhofer-lied Nachtviolen, oftewel de damastbloem die in de Romantiek een symbool van trouw is. Maar ook hier klinkt weer de melancholie en weemoed door. En dat is misschien het enige punt van kritiek die ik op deze CD heb. Veel liederen hebben dezelfde sfeer, hoe mooi ze elk op zich ook gezongen worden. Af en toe wordt het ritme wel gebroken met een lied als Über Wildemann of de stevige tonen van Der Strom.

Maar hoe meer ik naar deze CD luister, des te meer ben ik ervan overtuigd dat de 24 (!) liederen die Gerhaher en Huber uitgekozen hebben een alternatieve Winterreise vormen. Er is geen één-op-één-relatie, maar de parallellen zijn iets te frappant om géén toeval te zijn. Met An den Mond in einer Herbstnacht wordt de achtergrond geschetst en de "cyclus" eindigt niet met een draailier, maar met de fluit van Der Sänger am Felsen. Met Der Schiffer (Schlegel) denkt hij aan zijn geliefde, zij het iets minder heftig dan in Die Post, de reflectie van het Lied eines Schiffers an die Dioskuren is verwant met Die Nebensonnen. In dit licht lijkt zelfs de keuze van de CD-titel me geen toeval te zijn...

illustratie

De Winterreise-Wanderer wordt begeleid door een kraai, voor deze Wanderer is het de nachtegaal in An die Nachtigall. Het is uiteraard puur toeval, maar vorige week kreeg Christian Gerhaher de Nachtigall-prijs van de Duitse Schallplattenkritik. De prijs werd uitgereikt na zijn Liedrecital bij de Salzburger Festspiele. De woorden van Hölty kunnen niet toepasselijker zijn: "Du tönest mir mit deiner süßen Kehle"...

Wie nog meer wil weten over Christian Gerhaher, kan ik de documentaire van BR-Klassik aanraden: Der Sänger Christian Gerhaher is online beschikbaar.

Publicatie: maandag 11 augustus 2014 @ 20:51
Rubriek: CD's