Il Grand' Inquisitor

IMKEB 2004 - Halve finale, dag 4

Beide sessies van de vierde dag hadden twee sopranen...

's Namiddags kregen ze het gezelschap van een bariton:

illustratie

De Franse sopraan heeft een eerder kleine stem met allerlei problemen. Haar ademproblemen drijven haar tot het uiterste in Handels "Lusinghe piu care". En in de hoogte krijgt ze een lelijke slag in haar vibrato... ze doet me dan een beetje denken aan het kwetterend geluid van Mady Mesplé. Ze heeft ook nauwelijks uitstraling, ook al probeert ze redelijk wat te acteren. Haar interpretatie van "Die junge Nonne" was dan weer wel hoogst interessant... alleen spijtig van die stem...

De bariton Igor Gnidii heeft geen natuurlijk geluid. Zijn vibrato gaat alle richtingen uit en is allesbehalve stabiel. En hoe hij het in zijn hoofd haalt om Figaro's "Aprite un po' quegl'occhi" te zingen zonder over betrouwbare lage noten te beschikken is me ook een raadsel... Die Mozartaria werd trouwens ook ontsierd door allerlei slordigheden. Het was wel origineel om Gianni Schicchi's scene, die met "Ah Vittoria" begint, op het programma te plaatsen. Daarin toonde hij wel dat hij enig gevoel voor dramatiek heeft.

Maar de "winnaar" van de namiddag was de Nederlandse Daphne Ramakers. Ze heeft een mooie, lichte sopraan met duidelijke uitspraak waarmee ze een sprankelende Susanna zong met "Deh vieni, non tardar" of ook een hemels "Pie Jesu" uit het Requiem van Fauré. En de twee Wolf-Mörike-Liederen "Das verlassene Mägdlein" en "Nimmersatte Liebe" waren andere hoogtepunten van de namiddag... nog een finaliste.

Voor de avondsessie namen de twee sopranen het op tegen een Russische bas:

illustratie

Vladimir Baykov kende geen al te beste start... Zijn Bach-aria "Gerne will ich mich bequemen" uit de Mattheuspassie werd heel statisch gezongen - ik kreeg plots visioenen van Frankenstein - met een intonatie die alle kanten opging, behalve de goede. In de cabaletta van Silva's "Infelice, e tuo credevi" krakte hij minstens twee keer. Maar de basisklank is wel mooi. De sterfscène van Boris Godunov, die hij na de pauze zong, was wel heel indrukwekkend en maakte zijn zwakke start nog goed.

De Roemeense Teodora Gheorghiu is een typische lichte coloratuursopraan... en ze zong dan ook aria's zoals "Je suis Titania la blonde" en "Les oiseaux dans la charmille"... allebei heel mooi en quasi-perfect, en zelfs met redelijk verstaanbaar Frans, wat op die hoogte niet evident is. Maar de melancholie die ze uitdrukte met de "Vocalise" van Rakhmaninov was pas echt ontroerend.

De laatste sopraan van de avond heeft een heel rare stem. Ik vind ze niet echt mooi (haar Bach was bijvoorbeeld niet om over naar huis te schrijven), maar ze heeft wel iets in haar stem waarmee ze vermoedelijk zonder probleem door een orkest boort. Het was verrassend om te zien dat ze zowel "Pace, pace" als Pamina's aria - weeral! - zou zingen. En het meest verrassende was dat ze erin slaagde om haar stem toch lichter te kleuren waardoor haar Mozart nog helemaal zo slecht niet was, als wat ik vooraf gevreesd had... Maar ik verwacht haar toch niet echt terug te zien in de finale.

Publicatie: maandag 3 mei 2004 @ 23:24
Rubriek: Concert