Il Grand' Inquisitor

Mojca Erdmann in Schwarzenberg

De jonge sopraan Mojca Erdmann hebben we eerder dit jaar in deSingel kunnen ontdekken. Op de Schubertiade stelt ze zich voor met een Schumann-en-Strauss-programma. Aan de piano zat Gerold Huber, tevens vaste pianist van Christian Gerhaher.

illustratie
foto © Schubertiade Schwarzenberg

Ze zingt met een heldere, zuivere lijn en het klinkt allemaal waanzinnig mooi, maar ze zou iets expressiever mogen uitpakken. Zeker in de eerste groep liederen, Schumanns Opus 107, treedt een zekere monotonie op. Het zijn wel niet de bekendste liederen en ze zijn ook allemaal nogal traag, maar toch. Een van de snellere liederen, Im Walde, vertolkt het contrast tussen een eenzame ziel die in de natuur koppeltjes van vogels of reeën ziet en dan de pijn van haar eigen eenzaamheid uitdrukt. Het is een voor de hand liggend contrast waar veel meer mee kan gebeuren dan wat Mojca Erdmann ermee doet.

De Lenau-Lieder (Opus 90) zijn een stuk bekender en gevarieerder, al is het maar door de aanwezigheid van Lied eines Schmiedes en Die Sennin. Zeker het eerste lied vraagt een stevige stem, waar de lichte sopraan van Erdmann toch tekort schiet. Maar Meine Rose ligt wel perfect in haar stem. Het viel trouwens op dat haar stem redelijk klein is en op een paar cruciale momenten de zaal niet kan vullen. Eén van die momenten is bijvoorbeeld het gestaag crescendo van "hörst du ? Jubelsang erklingt" in Requiem.

In de Strauss-liederen heeft ze ook dat probleem in het kanjer van een lied Allerseelen dat in de laatste strofe opbouwt naar een hoogtepunt met "komm' an mein Herz, dass ich dich wieder habe". Voor de rest is er weinig aan te merken op haar keuze van Strauss-liederen die haar als gegoten zitten. Ze sprankelt in All mein Gedanken, koketteert met Nichts en charmeert met Schlagende Herzen. Met Morgen hoeft ze niet veel te doen, dat lied spreekt voor zich, net zoals Die Nacht. De meeste sopranen kunnen niet weerstaan aan de afgrijselijke Brentano-Lieder, maar Erdmann houdt het gelukkig bij één, Ich wollt ein Sträusslein binden.

Voor het eerste bisnummer blijft ze met Begegnung bij Strauss, maar kiest als tweede toegift Helena uit Ollea dat Aribert Reimann voor haar geschreven heeft en dat we in zijn geheel in deSingel gehoord hebben... 't is eens wat anders dan eindigen met Zueignung.

Publicatie: maandag 5 september 2011 @ 18:00
Rubriek: Liedrecital