Il Grand' Inquisitor

Gerald Finley in Schwarzenberg

Het recital van Gerald Finley en Julius Drake begon en eindigde met Erlkönig, eerst Loewe, later Schubert. De helft van hun programma lag bijgevolg in het verlengde van hun recente opname The ballad singer met een halve avond Duitse ballades.

illustratie
foto © Schubertiade Schwarzenberg

Na hun fantastisch recital vorig jaar in Edinburgh, waren mijn verwachtingen hoog gespannen. De eerste indruk was echter alles behalve positief, zelfs teleurstellend. Ten eerste was er de slordigheid van Julius Drake. Het kan wel eens gebeuren dat een pianist een verkeerde toets raakt, maar deze keer liep het echt wel de spuigaten uit. De Schubert-Erlkönig begon hij zelfs een volledige toon verkeerd te hameren. Gelukkig had hij het op tijd door, zodat hij volledig opnieuw kon beginnen vooraleer Gerald Finley moest inzetten.

De stem van Gerald Finley klonk ook niet echt zoals het hoort. Zijn stem is veel donkerder geworden in vergelijking met vorig jaar, waardoor hij aan tekstverstaanbaarheid heeft ingeboet. Ze lijkt wel volledig weggezakt te zijn richting basbariton na zijn Hans Sachs, die hij deze zomer voor de eerste keer in Glyndebourne gezongen heeft. Ik vraag me daarbij af of die onmenselijk lange Wagnerpartij niet meer kwaad dan goed gedaan heeft. Want zijn stralende hoogte is ook volledig weg. Nu klinkt ze geforceerd en kleurloos; zelfs forte draagt ze niet echt in de toch wel intieme Angelika-Kauffmann-Saal.

Ondanks de ontgoocheling in Finley's vocale evolutie, viel er op interpretatief vlak wel veel te genieten... ook wat Julius Drake betreft. Zo haalt hij allerlei mysterieuze klanken uit zijn piano als de Loewe-Erlkönig zingt. Dit idee wordt mooi gespiegeld in de even etherische klanken van Finley-als-Erlenkoning. Het is bij Tom der Reimer dat zijn hoogte hem parten speelt als hij de Elfenkoningin van stem moet voorzien.

In de vier Loewe-Balladen valt trouwens op dat hij ze iets trager zingt dan wat ik gewoon ben. Ook Julius Drake laat soms expressieve pauzes vallen, die dan net een tikkeltje te lang duren om nog écht spanningsvol te blijven. Dit was bijvoorbeeld het geval in Edward, één van die gruwelijke ballades zoals er nog een paar zouden volgen met Schumanns Die Löwenbraut of Schuberts Der Zwerg. Die gruwel kan Finley wel tot in de puntjes vertolken.

Na de extroverte vertolkingen van de ballades die ook gesticulair geduid werden, was de tweede helft van de avond meer ingetogen met eerst de Wolf-versie van de Harfenspieler-Lieder en nadien een aantal grote Schubert-liederen. Het kan moeilijk grandiozer worden dan Grenzen der Menschheit, een Schubert-lied waarin een Hans Sachs of zelfs een Wotan zich kan verslikken. Halverwege moest Julius Drake wel even souffleren, maar voor de rest bracht Finley het er voortreffelijk vanaf. De diepe noten waren er, de verschillende strofen getuigden van menselijkheid zonder overdramatisch te vragen "was unterscheiden Götter von Menschen". De sfeer werd gelukkig ook nog wat verlicht met het bruisende Der Schiffer of een monkelende Der Einsame.

Publicatie: vrijdag 2 september 2011 @ 15:32
Rubriek: Liedrecital